Parkeergarages & cameratoezicht: liberale gedachten in de Delftse lokale politiek
Geplaatst op vrijdag 2 mei 2008
De vrijdag tussen Hemelvaart en het weekend heet in jargon een “brugdag”. Omdat veel mensen sowieso al vrij nemen vanwege de meivakantie is de gemeentelijke organisatie deze dag geheel gesloten. Opnieuw een dag voor reflectie dus. Reflectie over een nieuwe ondergrondse parkeergarage en het cameratoezicht.
Met de hernieuwde opkomst van populistische bewegingen en partijen wordt het belang van ideologie, grondslagen en beginselen in de politiek weer belangrijk. Voor de VVD geldt dat juist de beginselen de basis vormen voor de oplossingen die wij aandragen voor de maatschappelijke problemen die om een aanpak van de overheid vragen. Die maatschappelijke problemen vertalen zich op lokaal niveau in Delft tot “praktische oplossingen voor praktische problemen”. Oplossingen die voortkomen vanuit onze liberale beginselen en idealen Vrijheid, Verantwoordelijkheid, Verdraagzaamheid, Sociale rechtvaardigheid en Gelijkwaardigheid. Bij ons liberale wereldbeeld willen wij ook een minimale overheid en maximale zelfregulering, liberalen worden immers gedreven door overtuiging, niet door macht of autoriteit. De mens zelf staat bij de liberalen centraal.
Juist onze beginselen en idealen geven de VVD zichtbaarheid tegen over de beginselloze lokale partijen en ook tegenover de politieke partijen die zich meer vanuit een sociaaldemocratische, socialistische dan wel religieuze achtergrond manifesteren.
Dat dit zo werkt laat zich bewijzen in de stelling dat partijen zonder ideologie, zonder beginselen of idealen er meestal moeizaam in slagen tot besluitvorming over praktische oplossingen te komen. Een voorstel van het college wordt dan steevast politiek begroet met opmerkingen als “het is te laat” of het is “te vroeg”, het is “te dik”of “te dun”, het is “te onduidelijk” alsmede onmiddellijk vragen om meer informatie en meer onderzoek. Het innemen van een helder inhoudelijk standpunt is dan kennelijk een te ingewikkelde opgave. Dit beeld is eenvoudig herkenbaar en dat hebben wij de afgelopen jaren met regelmaat besproken in de VVD-leden avonden. In de vorige periode hebben wij geoefend in het innemen van standpunten en ontdekt dat dat niet altijd voor iedereen een eenvoudige opgave is. Een politiek vraagstuk is vaak een dillemma; er moet gekozen worden tussen oplossingen die even goed of even slecht zijn. Meer informatie helpt niet bij een dillemma. Dillemma's kunnen enkel worden doorbroken met overtuiging en idealen, politieke democratische besluitvorming is keihard en meedogenloos: uiteindelijk ben je VOOR of TEGEN, er is geen middenweg.
Hoe pas je liberale beginselen en idealen nu toe op de praktische problemen waar de lokale overheid voor staat? Ik heb daarvoor twee actuele onderwerpen gekozen en werk die hierna uit. Voer voor debat voor onze ledenavonden dus.
Het eerste onderwerp is de noordelijke parkeergarage, meteen een politiek gevoelig onderwerp in Delft.
Een ondergrondse parkeergarage om de parkeerdruk in de noordelijke binnenstad te verlichten en de noordelijke binnenstad bereikbaar te houden voor bezoekers die met de auto naar Delft komen. De VVD Delft pleit al jaren voor deze garage, heeft deze zogenoemde noordelijke parkeergarage opgenomen in het verkiezingsprogramma en laten opnemen in het CoalitieAkkoord, echter een meerderheid in de raad van PvdA, GroenLinks, SP, STIP en D66 blokkeert tot de dag van vandaag de discussie. In het CoalitieAkkoord is opgenomen dat de noordelijke parkeergarage inpandig of ondergronds wordt gerealiseerd, de garage op geen enkele manier gemeenschapsgeld kost en niet ten koste gaat van de exploitatie van de overige garages in de stad.
Iedere discussie wordt geblokkeerd vanuit de opmerking dat het geen gemeenschapsgeld mag kosten, en zelfs onderzoek naar de haalbaarheid kost geld en dat mag dan dus niet. Einde oefening? Nee, het is het begin van het politieke debat! Het CoalitieAkkoord geeft aan dat de coalitie niet tegen een ondergrondse garage is, er wordt slechts een voorwaarde gesteld aan de financiering.
Liberalen zijn een voorstander van het particulier initiatief. Een minimale overheid dus en dat betekent dat als marktpartijen kansen zien om in de noordelijke binnenstad een ondergrondse parkeergarage te realiseren en te exploiteren de overheid slechts een rol heeft van letterlijk ruimte zien en ruimte maken voor een dergelijke ondergrondse garage. Dat ruimte zien en ruimte maken kan beginnen met een politieke discussie, die dus geen overheidsgeld kost.
De VVD Delft heeft, net als de VVD landelijk, bereikbaarheid tot één van de speerpunten verheven en is er van overtuigd dat parkeerproblemen moeten worden opgelost om de binnenstad leefbaar en bereikbaar te houden voor bewoners, winkeliers, ondernemers en bezoekers. Persoonlijk ben ik er van overtuigd dat de hele historische binnenstad, zeker als we die willen behouden, op de langere termijn autoluw moet worden. Destijds is de VVD onder wethouder Boudewijn Boelens begonnen met de leus “Terrassen zonder Uitlaatgassen”.
De VVD Delft kan daarom zelf het initiatief nemen om een politieke discussie te voeren met de stad om gezamenlijk de beste plek en de eisen aan de garage te bepalen. Ik zie drie mogelijke locaties die direct toegang geven tot de binnenstad: onder de kruising Wateringsevest-Vrijenbanselaan met de Nieuwe Plantage bij het Kalverbos; een tweede optie is onder het Koningsplein-Nieuwe Plantage ter hoogte van de Annageer en de derde optie is onder Paardenmarkt. Het moet een garage worden van +400 plaatsen voor bewoners en bezoekers. Particulier kopen zal een optie moeten zijn en bussen moeten er ook in kunnen. Ik kan mij bijvoorbeeld in nieuwe duale situatie zelfs voorstellen dat de VVD een hoorzitting organiseert met marktpartijen om met hen over de haalbaarheid van een dergelijke ondergrondse garage te spreken.
Door het op deze wijze voeren van een politieke discussie met de stad op grond van liberale argumenten blijven wij binnen de kaders van het CoalitieAkkoord en komt de garage dichterbij.
Het tweede onderwerp is cameratoezicht.
De VVD legt landelijk bij monde van parlementariër Fred Teeven de nadruk op een harde aanpak van criminaliteit. Net als bereikbaarheid is veiligheid één van de de speerpunten van de VVD Delft. Criminaliteit mag nooit lonen en daders moeten worden opgepakt en voor de rechter gebracht. In het Liberaal Manifest stelde de VVD dat “Een staat die de veiligheid van zijn burgers niet kan beschermen, kan geen aanspraak meer maken op vertrouwen, noch op respect voor de wet. Pas binnen een staat die zowel democratisch als veilig is, kan de Vrijheid van het individu gestalte krijgen, ieders individuele en economische vrijheid.” In de Verklaring van de Rechten van de Mens en Burger uit 1789 stond al “De vrijheid bestaat erin te mogen doen wat de rechten van een ander geen schade toebrengt”. Liberalen verwerpen alle beperkingen die de individuele mens beletten zich geestelijk en materieel te ontwikkelen voorzover het daarmee niet de vrijheid en het geluk van de medemens aantast. Liberalen richten zich met volle overtuiging op het individu, maar niet zonder een beroep te doen op wederzijdse verplichtingen van burgers. Wij zijn vrij in verantwoordelijkheid.
Het is in die context dat een afweging dient plaats te vinden tussen bescherming van privacy van het individu tegenover de harde aanpak van het gemeentebestuur van criminelen die hun verantwoordelijkheden niet kennen en die de vrijheid van burgers schenden.
Door B&W is een voorstel bij de raad ingediend om het cameratoezicht in het stationsgebied met drie jaar te verlengen. Dit is door VVD fractie in de raad op de valreep gered omdat coalitiegenoten PvdA, GroenLinks en STIP samen met de SP de evaluatienota van het cameratoezicht onvoldoende vonden. Het was grotendeels een “Nee” tegen cameratoezicht op procedurele gronden en niet vanuit ideologie, beginselen of idealen. Dat bleek ook wel uit het uiteindelijke compromis: een verlenging met een jaar in plaats van drie jaar om enkele onderdelen uit de evaluatie te verbeteren. Het belang van de stad en de mensen bij een meer veilige stationsomgeving tegenover de inbreuk op de privacy kwam in de discussie slechts zijdelings aan de orde en in de uiteindelijke politieke oplossing al helemaal niet meer.
Zelf constateer ik een toename van particuliere camera’s aan gevels, burgers die dus het heft wat veiligheid betreft in eigen hand nemen. En dat terwijl de VVD veiligheid een echte overheidstaak vindt! Ook spreek ik bewoners en winkeliers die iedere week met een emmer verf de illegale grafitti te lijf gaan omdat de daders onvindbaar zijn, het zijn veel gehoorde klachten in mijn gesprekken met bewoners en winkeliers in de stad. Vuilnis dat illegaal op straat gezet wordt of in de grachten wordt gegooid. Het economisch functioneren van de binnenstad zou er met cameratoezicht op vooruit gaan, Rotterdam en Den Haag gingen ons daarin al voor. Delft kan aansluiten op de bestaande infrastructuur.
De VVD Delft fractie redeneerde vanuit deze visie dan ook juist door te stellen dat privacy een belangrijk punt was in de discussie, veiligheid werd echter hoger geacht dan privacy. Cameratoezicht bij het station moet zonder meer worden voortgezet. Voorts pleitte de VVD Delft voor inzet van mobiele camera’s op onveilige plaatsen in de binnenstad. Mee eens!
Delft, 2 mei 2008
Ronald Vuijk