Ronald Vuijk (september 2009)

Een stadsbestuurder is er voor de burgers

Dat wordt mijn inzet als lid van de gemeenteraad en als wethouder in de raadsperiode 2010-2014.

De dialoog tussen mensen maakt de politiek voelbaar, hoorbaar en zichtbaar. In die dialoog worden de liberale idealen van vrijheid, verantwoordelijkheid, verdraagzaamheid, sociale rechtvaardigheid en gelijkwaardigheid uitgedragen. Daarmee sta ik voor een rotsvast vertrouwen in een betere toekomst, een optimistische vertrouwen in de vooruitgang. En voor een minimale overheid en maximale zelfregulering en wordt gedreven door overtuiging en idealen, niet door macht of autoriteit. De medemens zelf staat centraal.

Als persoonlijk thema staat centraal het verbeteren van de rechtszekerheid van de burger. “De burger weet onvoldoende wanneer en opgrond van welke criteria zijn aanvraag (van bijvoorbeeld een vergunning) wordt afgehandeld”, een besef dat in de voorbije periode duidelijk is geworden door het wekelijkse spreekuur voor burgers. Binnen mijn liberale idealen en overtuiging acht ik mij voor de inhoud van mijn bestuurlijke beslissingen gebonden aan het politiek programma van de VVD  en het coalitieprogramma. Het combineren van maatschappelijke betrokkenheid en de bestuurlijke verantwoordelijkheid van het wethouderschap is in de duale verhoudingen een bijzondere opgave. Ruim 50 mensen die ieder vanuit een eigen bestuurlijke en politieke verantwoordelijkheid de dialoog met de stad zoeken.  Een dialoog die zijn weg zoekt via politieke websites, communicatie inspanningen van raad en B&W, de onafhankelijke journalistiek en het persoonlijke gesprek.

In de raadsperiode 2002-2006 werd het raadslidmaatschap met het fractievoorzitterschap vervuld. In 2005 werd wethouder Christiaan Baljé opgevolgd en werd Wil Steffen fractievoorzitter. Als lijsttrekker werd deelgenomen aan de verkiezingen van 2006 met collegedeelname als resultaat. Bijzondere dossiers zijn ondermeer uitbreiding van de dienstverlening, de bouw van de Koepoortgarage, de versterking van monumentenzorg, de uitbouw van de programmatische aanpak Water,  de oprichting van Science Port Holland en de uitvoering van de economische strategie Delft Kennisstad.

Ronald Vuijk

 

Motie van wantrouwen goed instrument om kabinet naar huis te sturen

Geplaatst op zondag 20 september 2009; reacties

Mark Rutte (VVD) diende bij de Algemene Beschouwingen een motie van wantrouwen in tegen het kabinet omdat naar zijn opvatting deze regering weigert te regeren. De motie werd gesteund door SP en PVV. Nu wordt door sommigen de vraag gesteld of een motie van wantrouwen tegen een heel kabinet wel juist is.

Ik vind een motie van wantrouwen een goed instrument om een kabinet dat volgens de opvatting van de volksvertegenwoordiging niet regeert naar huis te sturen. Een motie kan worden ingediend door ieder lid van de Tweede Kamer om een bepaalde wens uit te drukken. Tezamen met het spreekrecht is de motie het instrument van de oppositie om van zich te laten horen en een tegengeluid over het regeringsbeleid hoorbaar te maken.  Doordat de motie makkelijk hanteerbaar is wordt er overvloedig gebruik van gemaakt, nog niet de helft van de ingediende moties wordt aangenomen. De regering is in zijn algemeenheid niet verplicht moties uit te voeren. De motie van wantrouwen vormt daarop een uitzondering. De motie van wantrouwen heeft een verplichtend karakter, de minister of het kabinet dat door een aangenomen motie getroffen wordt dient heen te gaan.

Mark Rutte stelt zich op het standpunt dat deze regering niet regeert, met andere woorden, geen regeringsbeleid voert. Bij de Algemene Beschouwingen staan niet de afzonderlijke portefeuilles ter discussie maar het regeringsbeleid als geheel. Mark Rutte constateerde dat de aanpak van maatschappelijke  problemen met deze begroting wordt opgedragen aan twintig ambtelijke commissies en dat de regering kennelijk zelf geen opvattingen heeft over de richting waarin oplossingen gezocht kunnen worden. Dat betekent dat de Tweede Kamer enkel kan debatteren over de vraag of het uitstellen van de aanpak van maatschappelijke problemen het vertrouwen van de Kamer kan genieten. Een deel van de Kamer deelt de regeringsopvatting van uitstel niet. Wanneer de Tweede Kamer of een deel daarvan geen vertrouwen heeft in de regering over de volle breedte van het gepresenteerde regeringsbeleid dan resteert niets anders dan de motie van wantrouwen tegen het hele kabinet. En zo is het gegaan.

Electoraal blijkt de kiezer een stevige en georganiseerde oppositie te waarderen. Uit de peilingen blijkt de kiezer het indienen van de motie van wantrouwen tegen het kabinet te waarderen met twee zetels er bij. De commotie rondom de motie van wantrouwen leidde er toe dat de VVD al dagen het nieuws domineert en iedereen het er over heeft. De VVD staat midden op het politieke podium. Een motie van wantrouwen is dus een uitstekend instrument om het kabinet naar huis te sturen.   

Ronald Vuijk, wethouder

Spreken in het openbaar is te leren!

Geplaatst op zaterdag 19 september 2009; reacties

De Haya van Somerenstichting biedt trainingen aan voor leden van de VVD die politiek actief zijn. Het debatteren in het openbaar wordt getraind onder noemer van Discussietechniek en Presentatietechniek. Het leren spreken in het openbaar is een actueel vraagstuk met wortels in het verleden. In 1957 verscheen een kleine publicatie van de hand van een zekere J.H. de Goede over welsprekendheid. 

Een klein citaat: “Dank u”, zegt de burgemeester na het uitspreken van zijn rede. Vroeger eindigde hij met “Ik heb gezegd”, eenvoudig constaterende dat hij klaar was. Nu dankt hij voor de aandacht, in de veronderstelling dat die er is geweest. Daarin kan hij zich echter vergissen. Aandacht is geen artikel dat geschonken wordt alleen omdat het de burgemeester is die spreekt. Aandacht moet getrokken en geboeid worden. Bij werkelijke aandacht is er dankbaarheid aan de zijde van de hoorders. Die ontstaat pas wanneer er goed gesproken wordt. Het aanzien van het openbaar gezag wordt door het geluid, dat het geeft, alleen gediend, wanneer dit op een hoog peil staat. 

Met betrekking tot welsprekendheid bestaan twee opvallende dwalingen. De eerste is de opvatting dat men geen goed spreker kan worden, als men het niet zo maar, als vanzelf, in eens is. “Het moet je aangeboren zijn “, zegt men. De tweede dwaling is de inbeelding van sommigen, dat zij boeiende redenaars zijn, zonder dat dit in werkelijkheid het geval is. Deze dwaling brengt de vrijmoedige babbelaars voort. De één denkt:  “Ik leer het tóch nooit”, maar zou met inspanning vorderingen maken. De ander denkt: “Ik kan het”, maar kan het niet – nog niet. Beide misvattingen leiden tot een tekort aan ernst bij de voorbereiding van een rede, om over verantwoorde opleiding tot spreker maar te zwijgen. Het ligt voor de hand dat men, om welsprekend te kunnen zijn er een zekere aanleg voor moet hebben. Doch slechts zeer weinigen missen zulk een aanleg geheel.

De opleidingen en trainingen van de Haya helpen een aanleg te versterken tot een vaardigheid.

Ronald Vuijk, wethouder

Troonrede is goed nieuws voor kenniseconomie van Delft

Geplaatst op woensdag 16 september 2009; reacties

Koningin Beatrix sprak in de Troonrede voor Delft een uitdagende opdracht uit.
 
“De heroverwegingen (van de rijksfinancien, rv) moeten er ook toe leiden dat onderwijs, kennis, innovatie en ondernemerschap doelgerichter worden ingezet om economische groei te bevorderen. Daarnaast zal duidelijk worden hoe belangrijke sectoren van het Nederlandse bedrijfsleven zoals waterbeheer, en energie, landbouw en visserij, klimaat en milieu daaraan kunnen bijdragen. De heroverwegingen hebben tot doel fundamentele keuzes te maken met het oog op een economisch en sociaal krachtig Nederland.” Het waren geen loze worden die slechts een vage oplossingrichting aanreikten waarmee wij het bos in zouden worden gestuurd.
 

Het Delftse onderzoeksinsituut Deltares krijgt € 25 miljoen voor de bouw van een deltagoot om onderzoek te doen naar water- en deltatechnologie. Met deze technologie blijft Nederland droog, vanuit Delft wordt deze kennis met de wereld gedeeld. Een echt exportproduct. Een consortium onder leiding van de TU Delft en DSM gaat hoogstwaarschijnlijk steun krijgen voor de ontwikkeling van witte biotechnlogie. Door gebruik te maken van witte biotechnologie kan ten opzichte van conventionele (chemische) processen een alternatieve en veelal efficiëntere syntheseroute gebruikt worden voor de productie van een groot aantal chemicaliën, materialen en brandstoffen. Conventionele processen maken vaak gebruik van steenkool, aardolie of aardgas. Deze bronnen zijn eindig en brengen milieubezwaren met zich mee. Witte biotechnologie maakt daarentegen gebruik van biologische grondstoffen, zoals biomassa. Ondernemerschap wordt met € 6 miljoen gestimuleerd door een bijdrage aan de TU Delft voor het stimuleren van technostarters, de TU Delft en Rotterdam stimuleren ondernemerschap met initiatieven als Centre for Entrepeneurship voor ondernemerschap, Yes!Delft voor startende ondernemers en TwentyTwenty voor exponentiele groei.

Dit rechtvaardigt eens te meer de stelling dat Delft met de strategie van Delft Kennisstad in het juiste spoor naar de toekomst zit. Deze strategie helpt ons de gevolgen van de economische crisis op te vangen en de effecten te verzachten. Het betekent extra werk, en dat is precies wat we nodig hebben.

 Ronald Vuijk, wethouder

Lang gekoesterde liberale wens, de Delftse overheid wordt kleiner!

Geplaatst op dinsdag 15 september 2009; reacties

Delft bezuinigt in de periode 2010-2013 € 5,5 miljoen op beleidstaken en € 3,4 miljoen door niet meer te indexeren. De begroting krimpt, de Delftse overheid wordt kleiner; een diepe wens van vele liberalen. De kredietcrisis geeft een andere kijk op de beschikbare middelen dan in de tijd van economische hoogconjunctuur. De kredietcrisis helpt om doortastende besluiten te nemen.

Het niet doorgeven van de loon- en prijscompensatie bespaart € 3,4 miljoen. Aangezien salarissen niet verlaagd worden maar de kosten door de inflatie wel blijven stijgen leidt dit tot het eenvoudige gevolg dat binnen de programma’s efficiënter gewerkt moet worden. Er wordt in ieder beleidsterrein minder geld uitgegeven. In sommige beleidsterreinen, bijvoorbeeld in de speeltuinen, stedenbanden en volwasseneneducatie, worden taken geheel gestopt waardoor daadwerkelijk minder mensen nodig zijn. Tenslotte wordt de hoogte van subsidies bevroren. Stoppen van taken en bevriezen van subsidies levert een besparing op van € 5,5 miljoen. Tot gedwongen ontslagen leidt dit niet direct. Het natuurlijk verloop is groot genoeg om de gewenste inkrimping in de organisatie zonder ontslagen te realiseren.  

De stijging van de woonlasten is beperkt gehouden, ook een grote wens van de Delftse liberalen. Het laten dalen van de lokale lasten zoals bijvoorbeeld in Den Haag was voor het college van burgemeester en wethouders een brug te ver. Verwachte rijksbijdragen komen onvoorzien niet binnen, het rijk wentelt taken af op de gemeente zonder extra financiële middelen en de wens grote lopende investeringen als crisismaatregel onverminderd voort te zetten dwongen het stadsbestuur om de inkomsten beperkt te verhogen. Terechte kritiek is er vanuit de VVD Delft dat de gepresenteerde  lastenstijging hoger uitvalt dan het inflatiepercentage. Een streven om vanuit de raad te zoeken naar mogelijkheden om die stijging nog verder te beperken of zelfs om te zetten naar een daling is dan ook begrijpelijk. Door het college van burgemeester en wethouders zullen moties en amendementen welwillend maar ook constructief-kritisch op uitvoerbaarheid worden getoetst.

Voorts worden twee specifieke wensen van de Delftse liberalen ingevuld. Een meevaller in de verwerkingskosten van afval wordt gebruikt om de stijging van de woonlasten verder te beperken en om de stad, in het bijzonder de binnenstad schoon te houden.

Vanuit de liberale sociale rechtvaardigheidsgedachte is het anti-armoede beleid niet aangetast, de meest kwetsbaren in de samenleving kunnen rekenen op de VVD. Anti-armoede beleid is echter geen vangnet, maar een trampoline: met een dertigpunten actieplan worden mensen zoveel mogelijk aan het werk gehouden en aan werk geholpen.

Een begroting die alle ingredienten bevat waar de coalitiepartijen PvdA, VVD, Groenlinks en STIP mee naar hun electorale achterban kunnen. Al met al een begroting waar de VVD Delft mee voor de dag kan komen. Een begroting die niet direct terugvalt op principes van de nachtwakerstaat maar wel met een VVD-reputatie van zuinig met gemeenschapsgeld en met een imago van degelijk boekhouden als van oud-minister Zalm.

Ronald Vuijk, wethouder

Meer drama, conflict en passie nodig in de politiek

Geplaatst op zondag 13 september 2009; reacties

In de NRC van zaterdag 13/9 wordt filosoof Luuk van Middelaar aangehaald om te betogen dat Nederland een publieksdemocratie is geworden en dat de uitvoering van een verkiezingsprogramma drama, conflict en passie nodig heeft om zichtbaar te worden. Lange tijd ben ik voorstander geweest van rust in de partij, in het openbaar bestuur en de politiek, er vanuitgaand dat bestuurders van de stad gewoon hun werk moeten doen. Oud-minister Klaas de Vries (PvdA) begon destijds zijn ministerschap met de uitspraak dat hij het openbaar bestuur een stuk saaier wilde maken, ik waardeerde die uitspraak destijds zeer. Ik zie echter met Middelaar nu een verandering en ben het met Middelaar eens.

De kiezer kiest niet meer voor een toekomstvisie in een programma maar een politicus waar op vertrouwd kan worden. Politici kunnen op die verandering reageren door zichtbaar te worden. Zichtbaar worden met drama, conflict en passie. Het liberalisme biedt met beginselen als vrijheid, verantwoordelijkheid, verdraagzaamheid, sociale rechtvaardigheid en gelijkwaardigheid voldoende mogelijkheden voor drama, conflict en passie. Alleen handelende en sprekende personen worden zichtbaar. In de gemeenteraad ontstaat zichtbaarheid met interventie en interruptie als ook met initiatiefvoorstellen, moties en amendementen. Buiten de raad kan het met ledenavonden, wijkbezoeken, spreekuren en persberichten. De VVD hoeft daarvoor niet de populistische weg in te slaan van het ideologie- en overtuigingsloze PVV en lokale kopieën daarvan.

Zichtbaarheid ontstaat door contrast tegenover het sociaal democratische gedachtengoed van PvdA, Groenlinks, SP en D66, de religieuze overtuiging van CDA en CU en de pragmatische politiek van stadspartijen zoals Stadsbelangen en STIP. Drama, conflict en passie kan op lokale maatschappelijke vraagstukken als lokale lasten en tarieven, veiligheid en integratie, het sociale gezicht, ondergrondse verkeersinfrastructuur en rechtszekerheid. Dat er wat moet gebeuren is voor iedereen wel duidelijk, de meningen lopen politiek en ideologisch uiteen over de oplossingsrichtingen en oplossingen. Door drama, conflict en passie worden alle partijen  zichtbaarder, de kiezer voelt zich in de raad gerepresenteerd en de pers heeft nieuws om te publiceren. De democratie wordt er mee versterkt.

Delft, 13 september 2009

Ronald Vuijk, wethouder

 

Voeg toe aan Delicious Voeg toe aan NUjij Voeg toe aan Google bookmarks Voeg toe aan Linked In Voeg toe aan NUjij Voeg toe aan Technorati Voeg toe aan Twitter 
© 2010 VVD Delft  |  Colofon  |  RSS | Sitemap