VVD adviseert college over stadhuis
Van de fractie geplaatst op vrijdag 6 oktober 2006 door Lennart Harpe
Trefwoorden: spoorzone, stadhuis
Tijdens een extra vergadering van de commissie Ruimtelijke Ordening op maandag 2 oktober jl. is gesproken over de selectie van een architect voor het stadhuis/station. De VVD fractie heeft zich over de schetsontwerpen van Soeters, Mecanoo, Uytenhaak en Kraaijvanger-Urbis gebogen en het college als volgt geadviseerd.
De fractie heeft bij de beoordeling van de ontwerpen de navolgende uitgangspunten gehanteerd:
- De VVD legt vooral de nadruk op het ontwerp van het stadhuis. Reizigers komen en gaan, wij bouwen nu toch vooral voor de Delftenaar. Dus geen station met bijbehorend stadskantoor, maar een aansprekend stadhuis met zeer nabij gelegen station.
- De VVD is voorstander van twee gescheiden hallen; een stationshal en een zogenaamde stadshal.
- Het stadhuis/station moet een markeringspunt worden. Het zichtbare middelpunt van de stad Delft. Het moet een spannend, modern, toekomstvast en ambitieus bouwwerk worden, waaruit duidelijk wordt dat je in Delft bent aangekomen, in een stad met één van de beste Bouwkunde faculteiten ter wereld!
- Maar wij willen ook niet doorslaan. Wij bouwen vooral een gebouw waarin efficiënt, effectief en eigentijds gewerkt kan worden en waarin je op snelle wijze toegang krijgt tot het openbaar vervoer. Het neerzetten van een “vergaapgebouw” waar alleen architecten plezier aan beleven is niet de bedoeling.
- Voorts willen wij een gebouw dat past bij het heden, het verleden, de toekomst en de maatvoering van Delft.
- Wij gaan er vanuit dat het stadhuis ruimte biedt aan alle Delftse ambtenaren. De VVD gaat niet uit van verdere groei van het ambtelijke apparaat en vindt het belangrijk dat het gebouw zo ontworpen wordt, dat eventueel overtollig geworden ruimte eenvoudig verhuurd kan worden.
- Met betrekking tot de constructie is het tevens van belang dat, zonder al te ingrijpende verbouwingen, een grote multifunctionele zaal (verdeeld over twee verdiepingen) gerealiseerd kan worden.
- Voorts wil de VVD een licht, transparant gebouw met lage energiewaarde, een uitstekende klimaatbeheersing en te openen ramen. Tevens zijn wij voorstander van een moderne, eigentijdse werkplekinrichting met flexibele werkplekconcepten. Niet iedereen een eigen vaste werkplek die toch maar 50% van de tijd bezet wordt, maar te delen flexibele werkplekken die de ambtenaren optimaal faciliteren bij de werkzaamheden die zij op dat moment moeten uitvoeren.
- In de ontwerpen komen wij nogal wat terrassen, wintertuinen, loungeruimten en andere prettige verblijfsruimten tegen. Op zich niets mis mee, mits hiermee maat gehouden wordt.
- De VVD vraagt extra aandacht voor beheersbare exploitatiekosten. In de exploitatieperiode van een gebouw wordt in totaliteit veel meer geld uitgegeven dan de bouwsom. Vandaar ons advies om de ambtenaren die verantwoordelijk worden voor de exploitatie in een vroeg stadium te betrekken bij het ontwerp, de inrichting en de afwerking van het gebouw. Tevens hebben wij het college geadviseerd de architect(en) een raming van de exploitatiekosten te laten maken, waaruit blijkt wat de exploitatie van hun ontwerp in de praktijk gaat kosten.
- Met betrekking tot de omgeving van het stadhuis/station vragen wij aandacht voor de sociale veiligheid. Laten wij voorkomen dat door bepaalde vormgevingskeuzes enge plekken ontstaan waar mensen zich niet prettig voelen en liever niet komen.
Uiteraard heeft de fractie ook gesproken over de vraag welk ontwerp ons het meest aansprak. Daar liepen de meningen over uiteen variërend van: “ik vind eigenlijk geen van de vier ontwerpen aansprekend” tot een duidelijke voorkeur voor één ontwerp. Al met al kwamen twee namen het meest naar voren, die van Rudy Uytenhaak en Mecanoo. Beide architecten zouden een vervolgopdracht kunnen krijgen om hun ontwerp nader uit te werken. Omdat de VVD fractie liever energie steekt in de kwaliteit van het ontwerp in plaats van in verdergaande competitie tussen twee architecten, hebben wij het college geadviseerd met één architect verder te gaan. Deze architect zou dan de opdracht moeten krijgen om, naast de uitwerking van het bestaande ontwerp, nog twee andere ontwerpen te maken. Te denken valt aan een vooruitstrevend ontwerp, een behoudend ontwerp en een bijzonder ontwerp. Als dan toch één architectennaam genoemd zou mogen worden, dan heeft de VVD fractie in meerderheid een lichte voorkeur voor Mecanoo architecten.
Eind oktober vernemen wij het besluit van het college. Wordt vervolgd.
Lennart Harpe
Commissielid Ruimtelijke Ordening